donderdag 11 juni 2009

Ubuntu voor bangerikken

De echte helden gooien Microsoft van hun PC/laptop en vervangen het genadeloos door hun favoriete Linux-distributie.

Voor de rest van ons ligt het iets genuanceerder.

Gelukkig zijn er verschillende gulden middenwegen. Ik kende er al vele en voor Ubuntu Linux heb ik net geëxperimenteerd met een zoveelste variant, dus werd het tijd om één-en-ander eens op een rijtje te zetten.

Ten eerste kan je je systeem dual boot inrichten. Dat wil zeggen dat je bij het opstarten de keuze krijgt tussen Windows en Ubuntu. Deze keuze vereist dat je je harde schijf opknipt in verschillende partities. Ten minste twee: één voor Windows en één voor Ubuntu. Persoonlijk heb ik er nog twee partities bij: één voor belangrijke documenten (werk en privé) en één voor media (vooral mp3). Het voordeel van deze extra partities is dat ze zowel vanuit Windows als vanuit Ubuntu te gebruiken zijn. Ik heb in beide omgevingen dus toegang tot mijn bestanden.

Een variant hierop is de Live CD. In dit geval haal je een CDROM-image van het Web en brandt je dat op de CDROM. Bij het opstarten van je laptop kies je dan uit het boot menu de optie om van de CDROM op te starten en vervolgens heb je het besturingssysteem van je keuze tot je beschikking. Het voordeel is dat je systemen kunt proberen zonder iets aan je computer te veranderen. Geen partities, geen bestanden op je harde schijf. Het nadeel is dat het werken van CDROM erg traag is. Dit beïnvloedt natuurlijk je beleving van het systeem. Bovendien gaat alles wat je op het systeem doet verloren als je afsluit. Je kunt op de CDROM immers geen bestanden opslaan. Maar voor een eerste impressie is het een goede oplossing, en meestal kan je van de CDROM het besturingssysteem ook definitief op je computer installeren.

De derde mogelijkheid is het gebruik van virtualisatie. De populairste toepassing hiervoor is VMWare, maar je kunt ook kiezen voor Qemu of Virtual Box. Met virtualisatie kan je het ene besturingssysteem binnen het andere draaien. Je kunt dus Ubuntu als je hoofdbesturingssysteem kiezen en Windows opstarten in een virtuele machine als je een applicatie nodig hebt waarvoor geen Open Source alternatief beschikbaar is. Het voordeel van deze oplossing is dat je meerdere besturingssystemen tot je beschikking hebt, waartussen je met een druk op de knop kunt wisselen. Het geeft je ook de mogelijkheid om relatief eenvoudig met verschillende besturingssystemen te spelen. Zie de Free OS Zoo voor images van veel gratis besturingssystemen.

De vierde optie die tot je beschikking staat is Wine. Wine is bedoeld om individuele Windows applicaties binnen Linux te kunnen draaien. Internet Explorer lijkt dan net een gewone Linux-applicatie. Dit is anders dan zoals bijvoorbeeld ReactOS, die een poging doen om een Open Source Windows te realiseren. Wine is een zogenaamde vertaallaag bovenop Linux en ReactOS is een compleet besturingssysteem naast Linux. Hoewel Wine een nobel streven is, heeft het voor mij nooit gewerkt. Maar op het Web zijn voldoende berichten te lezen van mensen die er wel veel plezier van hebben.

Nog een vijfde alternatief is Cygwin dat een complete verzameling GNU/Linux tools biedt die gewoon binnen Windows draaien. Daarmee is het dus zo'n beetje het omgekeerde van Wine (de technische oplossing is anders, vertaallaag vs compileren voor een ander doelplatform, maar voor de gebruiker is dat minder relevant). En in tegenstelling to Wine werkt Cygwin als een zonnetje. Ik gebruik het veel om krachtige commando's als find en grep te kunnen gebruiken als ik toch onder Windows moet werken.

De nieuwste mogelijkheid om Ubuntu te draaien is Wubi. Deze aanpak lijkt op dual boot, maar is subtiel anders. Ubuntu draait nu namelijk niet van zijn eigen partitie, maar van een bestand binnen Windows. Dit geeft je de mogelijkheid om Ubuntu uit te proberen zonder dat je je harde schijf hoeft te verbouwen, maar ook zonder het verlies in prestaties die bij virtualisatie horen. Bij het opstarten kies je (net als bij dual boot) namelijk al tussen Windows en Ubuntu. Toen ik Wubi uitprobeerde gaf dat het verwarrende verschijnsel dat ik eerst in GRUB moest kiezen tussen mijn 'echte' Ubuntu en Windows, daarna in de Windows boot loader tussen Windows en Wubi Ubuntu, en daarna weer in GRUB tussen de verschillende mogelijkheden van Wubi.

Zelf houd ik het voorlopig op dual boot, want helemaal zonder Windows kan ik nog niet. Maar voor iemand die Ubuntu eens probleemloos wil uitproberen lijkt Wubi de beste optie. Je hoeft je systeem niet te verbouwen (zoals bij dual boot), je bewerkingen gaan niet verloren (zoals bij Live CD) en je hebt optimale prestaties (in tegenstelling tot Live CD en Virtualisatie).

(Dit artikel verscheen ook op Transparante Zaken)

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen