zondag 26 juli 2009

Krokodillentranen Nederlandse softwarebedrijven

De krokodillentranen van een aantal Nederlandse softwarebedrijven in hun klaagzang over de schade die het NOiV aan zou richten toont maar weer eens aan hoe vastgeroest deze bedrijven zijn. Zij leven nog in de achterhaalde veronderstelling dat zij consumenten blijvend aan zich kunnen binden door restrictieve licenties. En zij schrikken zich een ongeluk nu blijkt dat de consument dat niet langer pikt.

Toch zou het geen verrassing mogen zijn. Het is namelijk een terugkerend patroon. De consument accepteert onvolmaakte oplossingen met knellende voorwaarden zolang een technische oplossing nog schaars is. Maar de eisen van de consument worden scherper zodra de technische oplossing meer algemeen beschikbaar wordt.

Denk aan PC's. Aanvankelijk accepteerden we dat elke leverancier zijn eigen randapparatuur vereiste. Maar tegenwoordig vinden we het niet meer dan normaal dat elke printer op elke PC werkt: het stekkertje past, de computer herkent het apparaat, en de printer verschijnt in het lijstje van mijn tekstverwerker.

Of denk aan spelcomputers. Vroeger moest je voor elk spel een apart apparaat kopen. Later kreeg je generieke spelcomputers en tegenwoordig speel je veel spellen gewoon op je PC. Spelcomputerfabrikanten kunnen alleen marktaandeel behouden door zich voortdurend te verbeteren. En dat is goed.

Dit is ook de toekomst voor de Kindle en de App Store. Consumenten accepteerden de absurde voorwaarden van deze services zolang de digitale boeken en de iPhone nog relatief nieuwe technologieën waren. Maar consumenten eisen hun vrijheid terug zodra er alternatieven op de markt komen. De oorspronkelijke leveranciers zullen zich beklagen over de onbetrouwbaarheid van de consument en met man-en-macht proberen om de consument in hun greep te houden, maar in een gezonde markt zal de consument deze strijd altijd winnen.

Een enkele leverancier weet zijn machtspositie zo ver uit te bouwen dat de markt niet langer naar behoren werkt. Dit lukt echter maar zo zelden dat het geen verstandige strategie is voor een nieuw bedrijf of nieuw product. Beter is het om te concurreren zoals in elke andere gezonde bedrijfstak: om klanten aan mij te binden, moet ik beter zijn dan mijn concurrent. Dus luister naar je klanten en bied oplossingen voor zijn problemen. Dus investeer in een R&D-afdeling en bezuinig op je juridische afdeling.

Leveranciers die de overgang van concurrentie op basis van macht naar concurrentie op basis van kwaliteit nog niet hebben gemaakt, vertonen het gedrag zoals de vier Nederlandse softwareleveranciers waar ik dit verhaal mee begon. In plaats van naar de markt te luisteren, beklagen zij zich dat de consument het verkeerd begrijpt en onredelijke eisen stelt. Zij menen dat de markt de leveranciers tekort doet. Alsof de klanten er zijn om de leveranciers te helpen, in plaats van andersom.

2 opmerkingen:

  1. René, dit ben ik niet geheel met je eens.

    Ja, de bedrijven plengen krokodillentranen omdat ze door het NOiV genegeerd(ig) worden, maar ik ben het wel met ze eens dat het niet helemaal terecht is. Als de overheid een gesloten (qua licenties dus) pakket wil afnemen met open interfaces, dan hebben ze mijn zegen. Sterker nog, dat zorgt ervoor dat andere ontwikkelaars (eenvoudig) kunnen zorgen van de integratie met hun producten met de overheid. Dat is een goed idee, omdat het uiteindelijk verzorgt dat er minder doorlopende kosten gemaakt hoeven te worden voor de communicatie met de overheid.

    Het is een ander verhaal als voor het gebruik van de interface licentiekosten afgedragen moeten worden aan de partij die het pakket van de overheid ontwikkelt. Als je cynisch bent, is dat waar de grote ontwikkelaars graag heen zouden gaan, maar de optimist (zoals ik) vindt dit een prima ding.

    Gesloten interfaces zijn een absoluut slecht idee (TM) en de komst van de diverse mashups zijn een indicatie van de werkbaarheid van het tegendeel.

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Open standaarden zijn prachtig. Vooral voor toepassingsgebiedspecifieke koppelvlakken, waar open source software over het algemeen niet voor handen is.

    Niets staat de leveranciers dan ook in weg om open standaarden te definiëren en daarmee aan te bieden. Maar bedrijven zien open standaarden als een bedreiging die concurrenten toegang verschaft tot hun marktaandeel. Ze binden klanten liever aan zich met leveranciersspecifieke technieken en beperkende voorwaarden.

    Mijn punt is dat hun klanten dat steeds vaker niet meer pikken. De overheid eist nu open standaarden en wenst open source software (let wel: OSS is geen eis). Daarover moeten de leveranciers niet piepen, daar moeten ze wat mee doen.

    BeantwoordenVerwijderen