maandag 31 januari 2011

Social Media: de beperkingen

Social media zijn fantastisch. Ik vind het geweldig om via Twitter en Facebook te delen wat ik beleef op Internet en in het echte leven. Het is boeiend om te zien welke webpagina's anderen leuk vinden, en dus ga ik er maar van uit dat anderen geïnteresseerd zijn om te weten welke pagina's ik leuk vind. We hebben de afgelopen jaren een huis gebouwd en gedurende die tijd heb ik een blog bijgehouden. Er gebeurde zoveel, en een blog helpt om dat allemaal bij te houden. Bovendien kunnen familie en vrienden van verre volgen waar je mee bezig bent.

Geweldig allemaal.

Maar het blog over ons huis hebben we al snel ontoegankelijk gemaakt voor onbekenden. Alleen na een uitnodiging van ons kan je meelezen. Eén van de aanleidingen hiervoor waren anonieme, vervelende commentaren. Daar hadden we geen zin in, en dus werd het een besloten blog. Waarmee het hele idee van social media al aardig geweld aangedaan werd.

En afgelopen jaar ben ik ook tegen andere grenzen van social media aangelopen. Privé was het een zwaar jaar met veel nare ervaringen. En ik heb ermee geworsteld hoe je dat communiceert. Hou je je stil, doe je een korte cryptische mededeling en ga je over tot de orde van de dag (zoals hier), of geef je je helemaal bloot. De laatste optie was me te exhibitionistisch, de tweede optie te halfslachtig, dus werd het stilte.

Natuurlijk bieden Twitter en Facebook de mogelijkheid voor privé-berichten, maar dan is het niet veel meer dan onhandige email. In het begin hebben we veel gebeld, maar al snel werd dat erg onpraktisch. We hebben toen een belschema overwogen, maar uiteindelijk hebben we gekozen voor een mailing-list. Steeds als we wat te melden hadden, stuurden we een email rond. Zo bleef iedereen op de hoogte, zonder dat wij ons verhaal voortdurend hoefden te herhalen.

Nu ben ik niet de meest extroverte persoon die ik ken, dus misschien ligt het aan mij. Maar het is een bekend fenomeen dat berichten in social media vooral positief en optimistisch moeten zijn. Slechts weinigen laten het weten als het tegen zit. Schijnbaar willen we leuke dingen graag delen, maar vervelende dingen niet. Ligt dat aan het anonieme karakter van Twitter ("het gaat ze niet aan") of juist aan het meer intieme karakter van Facebook ("dat hoeven ze niet te weten")?

Ik heb de laatste tijd wat geëxperimenteerd met het delen van negatieve ervaringen en voelde daar een duidelijke weerstand bij. Daarbij stelde ik me vragen als "Vinden ze me een vervelende zeur?", "Wat zou die-en-die van dit bericht vinden?" of "Wil ik wel dat anderen dit weten?". Duidelijk buiten mijn comfort zone dus.

Een bevredigend antwoord op de vraag hoe we negatieve ervaringen een goede plaats geven in social media heb ik nog niet gevonden. Maar als je de komende tijd minder blije berichten van me voorbij ziet komen, weet je dat ik nog steeds op zoek ben.

woensdag 26 januari 2011

OV-Chipkaart: wat nu?

De perikelen rond de OV-chipkaart doen de laatste dagen weer veel stof opwaaien, bijvoorbeeld bij het NOS-journaal en bij De Wereld Draait Door. Je hoeft voor de benodigde hardware en software je luie stoel niet eens meer uit (zie bijvoorbeeld deze discussie voor links). Opgewonden jongetjes, verontwaardigde politici en bezorgde leveranciers doen allemaal vrolijk mee aan het mediacircus dat is ontstaan.

Spannend natuurlijk, maar uiteindelijk wordt niemand er beter van. Een paar mensen zullen een tijdje misbruik kunnen maken van dit lek, maar uiteindelijk wordt de rekening gepresenteerd aan... /tromgeroffel/ ... de reizigers.

Er is al vanalles geprobeerd om het onheil te bezweren, maar het mocht niet baten:
  • geheimzinnig doen - "Onze beveiliging is zo geheim dat niemand er voorbij komt."
  • het probleem ontkennen - "We hebben de fraude wel gedetecteerd, maar lieten het in het belang van het onderzoek niet merken."
  • dreigen - "Het kan wel, maar het mag niet. We hebben aangifte gedaan."
  • doormodderen - "Er is al zoveel geld in gestoken, we kunnen nu niet meer terug."
Maar wat dan wel?
  • Om te beginnen moeten we ons er bij neerleggen dat ICT (net als papiergeld, kluizen en fietssloten) nooit 100% fraudebestendig is: er is altijd een afweging tussen kosten en baten.
  • Daarnaast moeten we die handige jongens die de kaart steeds kraken niet vervolgen, maar inhuren: laat ze een paar weken met de beveiliging spelen voor je uitspraken doet over de kraakbaarheid.
  • Maar het belangrijkste is misschien wel dat we het hele concept van de OV-chipkaart moeten heroverwegen. De eerste subsidies werden al in 1992 toegekend, het besluit tot het invoeren van electronisch vervoerbewijs stamt uit 2000 en de invoering is begonnen in 2005. Er zijn inmiddels dus 18, 10 respectievelijk 5 jaar verstreken.
    • Waarom wilden we dit ook alweer en willen we dat nog steeds?
    • Zouden we met de kennis van nu nog steeds dezelfde keuzes maken of zijn er inmiddels betere oplossingen?
    • Vinden we het nog steeds verstandig om de uitvoering bij de vervoerders (verenigd in TransLink Systems) te leggen?
    • Wat zijn de verschillen tussen de Nederlandse situatie en die in andere landen waar beveiliging veel minder problemen lijkt op te leveren?
Het grootste probleem is natuurlijk dat heroverwegen van de OV-chipkaart een enorme schadepost zou betekenen in termen van tijd, geld en imago. Zomaar de stekker er uit trekken kan dan ook niet, maar openbaar vervoer is te belangrijk om het OV-chipkaartproject in de kreukels te laten lopen. En daar lijkt het wel naar toe te gaan.

zaterdag 1 januari 2011

PogoPlug play

Last week my Pogoplug Pro arrived. Just what the doctor ordered: a simple box with WiFi and USB-ports. Fire it up, connect a USB-drive and go.

Almost... Getting the Plug to connect to my wireless network didn't seem to work: my network never showed and the Plug never indicated it was connected... After I removed the network cable, it still didn't report a WiFi-connection, but I was able to connect to it. So either the Plug is even more magical than I thought, or its a little buggy. Let's call it automagic.

So now I could start using my new gadget. I soon discovered that you always need to go through my.pogoplug.com to get to your files. I had read that this was the case when you want to access your files over the Internet when you're not at home, but it turns out you need my.pogoplug.com even when you're sitting next to your hard-disk. Two problems with that: (1) I don't want anyone between me an my files and (2) it's silly. Moreover, I found out that the printing feature works by sending email to print@mypogoplug.com. Which has the same drawbacks.

To make matters worse, the Plug seemed to have corrupted my external hard-disk. This turns out to be a common problem with Pogoplug and NTFS-disks.

So, I needed to upgrade. Fortunately this is not a problem. There are many options, which all seem to boil down to Plugbox Linux and optware. It wasn't easy setting this up (partly due to hardware issues), but it's working now. I installed Samba and now the hard-disk connected to my Plug shows up as a separate drive in my file manager.

Next stop: printing

(I also looked into using the Plug as a media player with SqueezePlug, but it lacks an audio output. Maybe a USB sound card can help me there?)